Inrichting en voorschriften orthopedagogisch-didactisch centrum

Het samenwerkingsverband moet zorgen voor een samenhangend geheel van ondersteuningsvoorzieningen binnen en tussen de scholen. In dat kader is het mogelijk om een of meerdere orthopedagogisch-didactische centra (opdc’s) in te richten. Dit is een tijdelijke onderwijsvoorziening voor leerlingen die het onderwijs kortdurend niet (volledig) op een reguliere school kunnen volgen. Op deze pagina vindt u informatie over de inrichting en voorschriften van een opdc.

Waar moet de inrichting van een opdc aan voldoen?

  • De schoolbesturen uit het samenwerkingsverband zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de (bekostiging van) huisvesting van het opdc. Het samenwerkingsverband moet deze voorziening bij DUO laten registreren. Na goedkeuring krijgt het opdc van DUO een BRIN-nummer toegewezen.
  • Leerlingen die in aanmerking komen voor onderwijs op het opdc staan en blijven ingeschreven bij de reguliere school. De verwijzende school blijft verantwoordelijk voor het resultaat van het onderwijs. Deze school moet in haar leerlingenadministratie vermelden dat de leerling tijdelijk een andere school bezoekt en daarbij de periode en het BRIN-nummer van het opdc vermelden.
  • Op basis van de Leerplichtwet is de school van inschrijving verantwoordelijk voor de verzuimregistratie van de leerling die tijdelijk geplaatst is op een opdc.
  • Het samenwerkingsverband moet het inrichten of voortzetten van een opdc in het ondersteuningsplan vermelden. Hierin staan afspraken rondom de bekostiging van een leerling en wordt omschreven voor welke leerlingen het opdc is bedoeld.

Ontwikkelingsperspectief nodig voor plaatsing

De school van inschrijving stelt onder verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag een ontwikkelingsperspectief (opp) op voor de leerling. Hierin staat een gerichte ondersteuningsvraag aan het opdc, waarbij het doel is om de leerling te laten terugkeren op de eigen of een andere passende school. De ondersteuningsvraag maakt deel uit van het handelingsdeel, waar ouders mee moeten instemmen. In het opp moet de school ook opnemen wat de verwachte verblijfsduur van de leerling op het opdc is. Daarnaast geeft de school aan of de leerling het gehele onderwijsprogramma van het opdc volgt, of een deel daarvan.

Hoe ziet het onderwijsprogramma eruit?

  • Leerlingen die zich inschrijven bij een school voor het voortgezet onderwijs mogen maximaal 2 jaar (een gedeelte van) het onderwijsprogramma volgen op een opdc. In het primair onderwijs is de maximale verblijfsduur een half jaar. Dit kan in bijzondere gevallen eenmalig worden verlengd met maximaal een half jaar.
  • Als een leerling in het voortgezet onderwijs langer dan 3 maanden een programma volgt bij het opdc, dan moeten docenten die het onderwijs geven voldoen aan de bevoegdheids- en bekwaamheidseisen zoals die zijn vastgelegd in de Wet op het Voortgezet Onderwijs. Leerlingen in het primair onderwijs moeten onderwijs krijgen van leraren die voldoen aan de bevoegdheids- en bekwaamheidseisen zoals die zijn vastgelegd in de Wet op het Primair Onderwijs.

Toezicht

Het bestuur van het samenwerkingsverband is verantwoordelijk voor de kwaliteit van het onderwijs op het opdc. De inspectie houdt toezicht op het bestuur van het samenwerkingsverband en maakt daarbij gebruik van het onderzoekskader primair of voortgezet onderwijs.

Aanspreekpunt bij plaatsing op het opdc

Het opdc is het eerste aanspreekpunt voor leerlingen en ouders van leerlingen die daar onderwijs volgen. Ook kunnen leerlingen of ouders klachten indienen over de gang van zaken volgens de reguliere klachtenprocedures van het opdc of het samenwerkingsverband.