Onderzoekskader Nederlands onderwijs in het buitenland

In de Onderzoekskaders 2019 primair en voortgezet onderwijs staat hoe de inspectie werkt, wat wij precies beoordelen en wanneer het onderwijs van Nederlandse NTC-scholen en dagscholen in het buitenland of afstandsinstellingen van voldoende kwaliteit is. Zo weten scholen en besturen wat ze van het toezicht van de inspectie kunnen verwachten.

Opbouw van de verschillende onderzoekskaders

Voor Nederlands dagonderwijs in het buitenland, NTC-onderwijs en afstandsonderwijs gelden dezelfde kaders. Er is een onderzoekskader voor het primair onderwijs en een voor het voortgezet onderwijs. De kaders zijn afgeleid van de onderzoekskaders in Nederland en ook de terminologie is zoveel mogelijk hetzelfde.

De kaders zijn opgebouwd rondom 3 elementaire vragen over de betekenis van het onderwijs:

  • Leren de leerlingen genoeg?
  • Krijgen de leerlingen goed les?
  • Zijn de leerlingen veilig?

De randvoorwaarden kwaliteitszorg en financiën moeten op orde zijn om aan deze criteria te kunnen voldoen.

Om antwoord te kunnen geven op deze 3 vragen en te kunnen voldoen aan de randvoorwaarden, is het kader opgedeeld in 4 kwaliteitsgebieden:

  • Onderwijsproces
  • Schoolklimaat
  • Onderwijsresultaten
  • Kwaliteitszorg en ambitie

Onder elk kwaliteitsgebied valt een aantal standaarden, zoals het aanbod, het didactisch handelen, het pedagogisch klimaat en de kwaliteitscultuur.