Toezicht op scholen

Tijdens het vierjaarlijks onderzoek bij bestuur en scholen bezoeken we een deel van de scholen dat onder een bestuur valt. Dit geldt voor de scholen in het primair, voortgezet en speciaal onderwijs. Daarnaast onderzoeken we scholen als tijdens de jaarlijkse prestatieanalyse of na signalen blijkt dat er risico’s zijn op de school.

Onderzoeken op scholen worden op maat gemaakt, en bestaan in de regel uit een combinatie van lesbezoeken, analyse van documenten en gegevens, gesprekken met leraren, met de schoolleiding, met leerlingen en ouders, en een terugkoppeling naar het team. Voor een impressie van een schoolbezoek, bekijk de video Leraren en de inspectie.

Soorten onderzoeken op scholen

Dit zijn de onderzoeken die de inspectie op scholen uitvoert.

a. Jaarlijkse prestatieanalyse van iedere school

Ieder jaar maken wij een analyse van iedere school of instelling. Dat doen we op basis van de informatie die de inspectie al heeft over het bestuur en de scholen en opleidingen. Meer informatie vindt u op de webpagina over de jaarlijkse prestatieanalyse.

b. Kwaliteitsonderzoek bij risico’s

Als tijdens de jaarlijkse prestatieanalyse blijkt dat er risico’s zijn bij een school, voeren we zo nodig onderzoek uit. Ook als het bestuur nog niet voor het vierjaarlijks onderzoek staat ingepland. Bij zo’n onderzoek observeren inspecteurs lessen, ze analyseren gegevens die de school bijhoudt, en ze voeren gesprekken met betrokkenen. Ook meldingen en signalen kunnen aanleiding zijn voor een kwaliteitsonderzoek. Ten slotte kan een tussentijds kwaliteitsonderzoek worden ingesteld om de kwaliteit van een school te beoordelen als de school eerder van de inspectie een herstelopdracht heeft gekregen.

c. Vierjaarlijks onderzoek bij bestuur en scholen

Iedere 4 jaar onderzoekt de inspectie ieder schoolbestuur, en een aantal van de scholen die onder het bestuur vallen. De inspectie onderzoekt het bestuur en beoordeelt het bestuur in ieder geval op de kwaliteitszorg en het financieel beheer. De scholen van het bestuur waar risico’s zijn, worden altijd onderzocht met een kwaliteitsonderzoek.

Verificatieonderzoek

Bij een deel van de andere scholen van het bestuur voeren we een zogeheten verificatieonderzoek uit. Dit verificatieonderzoek laat zien of de sturing op de kwaliteit door het bestuur ook in de praktijk werkt. Dat kan door klassen te bezoeken, en bijvoorbeeld door met leraren te spreken over wat de inspecteurs uit de gesprekken met het bestuur hebben meegenomen. Daarnaast brengen we tijdens een verificatieonderzoek de kwaliteit bij de onderzochte scholen in beeld op vooraf bepaalde standaarden. Als uit een verificatieonderzoek risico’s zouden blijken, dan wordt het onderzoek omgezet in een kwaliteitsonderzoek.

Onderzoek naar waardering Goed

Tot slot is er binnen het vierjaarlijks onderzoek bij bestuur en scholen het onderzoek naar de waardering Goed mogelijk. Scholen die volgens het bestuur goed zijn, kunnen op verzoek van het bestuur door de inspectie worden onderzocht. Voorwaarde is dat er eerst een zelfevaluatie plaatsvindt. Na afloop van het onderzoek kan een school de waardering Goed krijgen.

d. Vierjaarlijks schoolbezoek overige scholen

Tijdens het vierjaarlijks onderzoek bij bestuur en scholen bezoekt de inspectie dus een deel van de scholen dat onder een bestuur valt (zie kopje c). De scholen die we op dat moment niet bezoeken, betrekken we in andere onderzoeken waarin we een bepaald onderwerp in kaart willen brengen. Bijvoorbeeld een onderzoek naar gelijke kansen bij de overgang tussen primair en voortgezet onderwijs, of een onderzoek naar passend onderwijs. Het uiteindelijke doel van zo’n onderzoek is dan niet de school te beoordelen. Maar als een inspecteur tijdens zo’n onderzoek een risico zou aantreffen, kan dat aanleiding zijn voor een kwaliteitsonderzoek.