Scholen kunnen het aanbod van de basisvaardigheden Nederlandse taal en rekenen-wiskunde vanaf de start in het voortgezet onderwijs (vo) beter afstemmen op de kennis en vaardigheden van de individuele leerlingen. Dat blijkt uit het rapport Van primair onderwijs naar voortgezet onderwijs: doorlopende leerlijn of nieuwe start?
Hoewel scholen een goed beeld hebben van het instroomniveau van leerlingen, benutten zij deze maar weinig bij het opstellen van het aanbod. Daardoor is er geen sprake van een doorlopende leerlijn op het gebied van Nederlandse taal en rekenen-wiskunde. Een doorlopende leerlijn is belangrijk voor het verbeteren van de basisvaardigheden.
Voldoende informatie over leerlingen
Om een leerling vanaf de start in het vo op het juiste niveau te plaatsen, is het belangrijk dat scholen op de hoogte zijn van de kennis en vaardigheden van de leerlingen die uit het primair onderwijs (po) komen. Het blijkt dat de meeste vo-scholen voldoende schriftelijke informatie krijgen om een leerling op het meest passende niveau in de brugklas te plaatsen. In de meeste gevallen delen de po-scholen vooraf de informatie over de leerlingen met de vo-scholen in een zogenoemde warme overdracht.
Gebruik van informatie voor plaatsing in brugklas
Hoewel scholen veel informatie hebben over het instroomniveau van hun leerlingen, speelt niet al deze kennis een rol bij het plaatsen van een leerling in een brugklas. Scholen gebruiken vooral de adviezen in het onderwijskundig rapport (OKR) en de objectief meetbare data. Zaken als motivatie van de leerling, huiswerkattitude en ondersteuning vanuit huis nemen zij meestal niet mee in hun beslissing.
Gebruik van informatie voor lesaanbod
Vo-scholen gebruiken informatie uit het po ook weinig bij het bepalen van het lesaanbod in de brugklas. Ze gaan meestal uit van de standaard lesmethodes, leerlijnen en kerndoelen. Informatie over de leerlingen speelt nauwelijks een rol. Hierdoor is er geen sprake van een beredeneerde leerlijn die aansluit bij wat de leerlingen aan kennis en vaardigheden opdeden in het po.
Gebrek aan kennis over onderwijsaanpak
Kennis over de manier waarop Nederlandse taal en rekenen-wiskunde in het po worden aangeboden is van groot belang. Alleen dan kan het onderwijs in het vo goed aansluiten op wat leerlingen kennen en kunnen. Docenten in het vo hebben weinig kennis over de aanpak in het po. Dit gebrek aan kennis, in combinatie met het beperkt benutten van de informatie over leerlingen, maakt dat er te weinig sprake is van een doorlopende leerlijn voor Nederlandse taal en rekenen-wiskunde van het po naar het vo.
Beter gebruik van informatie uit po zorgt voor betere prestaties in vo
Een goede aansluiting van het vo op het po is cruciaal voor de ontwikkeling van de leerlingen. Dan kunnen zij hun basisvaardigheden Nederlandse taal en rekenen-wiskunde optimaal ontwikkelen. De meeste informatie is beschikbaar. Het is zaak die informatie te delen met alle betrokken professionals. Niet alleen met teamleiders en ondersteuningscoördinatoren, maar ook met mentoren en docenten. Ook zij kunnen de informatie gebruiken om onderwijs te bieden dat goed aansluit bij de behoefte van de leerling.