Per 1 augustus 2026 beoordeelt de Inspectie van het Onderwijs alle locaties die onder 1 instelling vallen binnen het primair onderwijs als 1 object van toezicht. Dat zijn bijvoorbeeld hoofdvestigingen, erkende nevenvestigingen en zelfstandig werkende dislocaties. Een instelling (voorheen BRIN4) krijgt 1 rapport en 1 oordeel. Ook de leerresultaten en de schoolweging bepaalt de inspectie voor de gehele instelling. Uitzonderingen hierop zijn nieuwkomersonderwijs (type 1 en 2) en internationaal georiënteerd basisonderwijs (IGBO). Deze ziet de inspectie nog steeds als apart object van toezicht binnen 1 instelling.
In het nieuwsbericht Geen afzonderlijk oordeel meer voor dislocaties en erkende nevenvestigingen in het primair onderwijs communiceerde de inspectie hier over.
Op welk niveau berekent de inspectie de schoolweging en de leerresultaten?
De inspectie blijft binnen het primair onderwijs met clusters (00XX|C1) werken voor het bepalen van de objecten van toezicht. Doordat nevenvestigingen en dislocaties niet meer apart worden beoordeeld, is er in de meeste gevallen maar 1 cluster binnen een instelling. Er zijn alleen meerdere clusters binnen 1 instelling als er ook onderwijs aan nieuwkomers of internationaal georiënteerd basisonderwijs (IGBO) wordt gegeven op een locatie.
Wat betekent dit voor de schoolweging?
Vanaf 1 augustus 2026 bepaalt de inspectie de schoolweging over 3 jaar op basis van alle leerlingen die op de instelling ingeschreven staan. Dit is gebaseerd op de schoolweging van de jaren 2023, 2024 en 2025. Een instelling bestaat uit de hoofdvestiging én de eventuele erkende nevenvestiging of de zelfstandig werkende dislocatie(s). De inspectie stopt met het berekenen van aparte driejaarsgemiddelde schoolwegingen voor zelfstandig werkende dislocaties en erkende nevenvestigingen.
Rekenvoorbeeld resultaten
Hieronder staat een fictief rekenvoorbeeld voor de bepaling van de schoolweging van voor en na een herijkt object van toezicht (ovt).
| Ovt voor herijking | Schoolweging | Aantal leerlingen |
|---|---|---|
| 00XX| C1 | 22,04 | 61 |
| 00XX|C2 | 29,21 | 105 |
Via de volgende berekening wordt hier een gewogen gemiddelde van genomen:
((22,04 + 61) + (29,21 + 105)) / (61 + 105)) = 26,58
| Ovt na herijking | Schoolweging | Aantal leerlingen |
|---|---|---|
| 00XX| C1 | 26,58 | 166 |
Vanaf maart 2027 verandert er meer wat betreft de schoolweging in het primair onderwijs. In het nieuwsbericht Beoordeling onderwijsresultaten in schooljaar 2026-2027 communiceerde de inspectie hier over.
Verschillende doorstroomtoetsen en 1 instellingscode
In principe neemt een instelling maar 1 soort doorstroomtoets af. Scholen die eerder een uitzondering toegewezen hebben gekregen, mogen in schooljaar 2026-2027 nog een doorstroomtoets van verschillende aanbieders afnemen. Aan het begin van het schooljaar 2026-2027 informeert de inspectie deze scholen per brief hoe ze in schooljaar 2027-2028 omgaat met de keuze voor meerdere doorstroomtoetsen. Dit doet de inspectie in overleg met het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW).
Hoe bepaalt de inspectie vanaf 2026 het driejaarsgemiddelde van de leerresultaten?
De inspectie neemt het gemiddelde van de schoolweging van de hoofdvestiging en de erkende nevenvestiging of zelfstandige werkende dislocatie en het gemiddelde van de resultaten van de beide locaties. Het gaat hierbij om een gewogen gemiddelde.
Rekenvoorbeeld resultaten
Hieronder staat een fictief rekenvoorbeeld voor de manier waarop de percentages behaald referentieniveau worden berekend voor een herijkt object van toezicht (ovt).
| Ovt voor herijking | Driejaarsgemiddelde 1F | Driejaarsgemiddelde 1S/2F | Aantal leerlingen |
|---|---|---|---|
| 00XX|C1 | 97,81% | 63,42% | 61 |
| 00XX|C2 | 95,08% | 53,20% | 105 |
Door de volgende berekening wordt hier een gewogen gemiddelde van genomen:
((97,81% + 61) + (95,08% + 105)) / (61 + 105) = 96,08%
((63,42% + 61) + (53,20% + 105)) / (61 + 105) = 56,96%
| Ovt na herijking | Driejaarsgemiddelde 1F | Driejaarsgemiddelde 1S/2F | Aantal leerlingen |
|---|---|---|---|
| 00XX|C1 | 96,08% | 56,96% | 166 |
Kan de school de leerresultaten per instelling inzien?
Jaarlijks publiceert de inspectie een open databestand met de leerresultaten voor alle scholen. De herijking zal grotendeels in dit overzicht verwerkt zijn, zodat scholen kunnen zien op basis van welke instellingsgegevens zij beoordeeld worden. Voor sommige instellingen is de herijking nog niet doorgevoerd. Dat is bij instellingen waar nog een onderzoeksactiviteit loopt bij een van de objecten van toezicht, instellingen waar een van de objecten van toezicht onvoldoende of zeer zwak is en/of instellingen die zich hebben geregistreerd voor Meer Ruimte voor Nieuwe Scholen. Voor deze scholen worden de resultaten nog apart beoordeeld, totdat het samenvoegen van deze objecten van toezicht is afgerond. De leerresultaten worden in oktober 2026 gepubliceerd.