Dagonderwijs

In een klein aantal landen bestaan Nederlandse dagscholen voor basisonderwijs en voortgezet onderwijs. Het gaat om ongeveer 25 scholen, waarvan twintig bassischolen. Dagscholen worden mede in stand gehouden door het bedrijfsleven en een aantal kleine schoolbesturen.

Verschil met Nederlandse scholen

Het onderwijs is op hoofdlijnen gelijk aan het onderwijs in Nederland. Er zijn ook verschillen:

  • Op een aantal basisscholen wordt het Nederlandse aanbod voor de zaakvakken vormgegeven met behulp van het International Primary Curriculum (IPC);
  • Scholen voor voortgezet onderwijs beperken zich tot vwo, havo en vmbo-t. Er zijn dus geen beroepsgerichte leerwegen (op één school na).

Leerlingpopulatie

De leerlingenpopulatie op dagscholen bestaat vooral uit kinderen van ouders die tijdelijk door hun werkgever zijn uitgezonden. Een groot deel van hen heeft Nederlandstalige ouders en spreekt thuis Nederlands. Daarnaast is er aantal leerlingen met een Nederlandse en een niet-Nederlandse ouder (zogenaamde gemengde gezinnen).

Verreweg de meeste leerlingen bezoeken tijdens hun schoolloopbaan meerdere dagscholen. Dit omdat hun ouders na afloop van hun contract worden uitgezonden naar een ander land. Een deel van de ouders met kinderen in de hoogste groepen van het basisonderwijs gaat terug naar Nederland om hen daar voortgezet onderwijs te laten volgen. Anderen melden hun kinderen aan bij het Nederlandse voortgezet onderwijs in het buitenland. Ook is er een groep die overstapt naar internationaal onderwijs.