Presentatie en overhandiging De Staat van het Onderwijs 2018

"De resultaten van het Nederlands onderwijs glijden af", stelt inspecteur-generaal van het Onderwijs Monique Vogelzang tijdens de opening van De Staat van het Onderwijs. Ook zorgwekkend is de toenemende sociaal-economische segregatie, wat tot kansenongelijkheid leidt. Een urgente boodschap, maar er zijn volop kansen "We kunnen de trend keren, als scholen hun autonome positie optimaal benutten en de overheid duidelijk is over verwachtingen."

De prestaties van leerlingen zijn de afgelopen twintig jaar geleidelijk gedaald. Vooral toptalent komt onvoldoende tot wasdom. Reden tot zorg? Ja, vindt Monique Vogelzang. Want hoewel Nederlandse kinderen nog steeds tot de gelukkigste ter wereld behoren, blijft veel potentieel onbenut. Daarnaast neemt segregatie langs opleidingsniveau en inkomen in het onderwijs de laatste jaren verder toe. Die eilandvorming heeft gevolgen voor de maatschappelijke opdracht van het onderwijs.

'Eilandvorming kan grote gevolgen hebben voor onderwijskansen'

Goed nieuws is dat we het tij gezamenlijk kunnen keren. Vogelzang benoemt drie kansen. "Laten we ten eerste werken aan een gedeeld beeld van wat goed onderwijs is." Een tweede opgave is het waarmaken van autonomie: verantwoordelijkheid nemen voor kwaliteitsverbetering. Tot slot wijst Vogelzang op de grootste opgave: de maatschappelijke opdracht bewaken. "Laten we samen vaart maken, zonder de verhoudingen verder op scherp te zetten. Wijs niet naar de ander, kijk eerst naar wat je zelf kunt doen."

Ministers Van Engelshoven en Slob nemen het rapport in ontvangst. Van Engelshoven: "We moeten focus aanbrengen in wat we verwachten van het onderwijs. Nu is het programmaboekje enorm vol. Niemand overziet wat prioriteit heeft." Daarbij benadrukken de ministers dat er ruimte moet blijven voor scholen om eigen keuzes te maken. Slob: "Autonomie is zo'n groot goed, dat wil ik niet loslaten. Dat vraagt wel om verantwoordelijheid. Alle scholen moeten zich afvragen: halen wij wel het beste uit alle kinderen?"

Van Engelshoven: "Ik zie ook veel lichtpuntjes. Ons onderwijs is internationaal gezien nog steeds heel goed. Ook positief is dat segregatie langs etnische lijnen afneemt. Meer scholen hebben de basiskwaliteit op orde. Een tandje erbij zou mooi zijn, want basiskwaliteit mag nooit het eindpunt zijn." De ministers nemen de scherpe teksten uit het rapport ter harte. Slob: "Laten we vooral ook de goede voorbeelden delen en geen grauwsluier over het onderwijs trekken."

'Positief is dat segregatie langs etnische lijnen afneemt'

De zaal buigt zich vervolgens in groepjes over een aantal vragen, zoals 'wat kan ik bieden om het onderwijs te helpen verbeteren?' Een collegevoorzitter van een hogeschool: "Ik vind het belangrijk onze studenten een interculturele mindset mee te geven. Dat betekent ook meer diversiteit in het docententeam en dus soms wat harder zoeken naar de juiste kandidaten." Over de vraag wat leerlingen van nu moeten kennen en kunnen, is een ander groepje het snel eens. "De basisvaardigheden, en daarnaast de vaardigheid om te leren leren."

Een medewerker van gemeente Amsterdam vindt het belangrijk dat gemeentes de autonomie van scholen steunen. "Ons huidige college legt veel verantwoordelijkheid bij scholen. Tegelijkertijd krijgen ze veel ondersteuning, ook financieel, om opgaven waar te maken." De voorzitter van de Vereniging van Samenwerkende Nederlandse  Universiteiten denkt met zijn groepje na over hoe de universiteit het basisonderwijs kan helpen. "Als studenten op basisscholen vertellen over hun studie en ambities, kunnen zij leerlingen, ook nieuwkomers, inspireren."