Presentatie en overhandiging De Staat van het Onderwijs 2019

Er zijn scherpere keuzes nodig om grote maatschappelijke veranderingen, zoals globalisering, digitalisering en de flexibilisering van de arbeidsmarkt, het hoofd te bieden. Dat zegt inspecteur-generaal Monique Vogelzang tijdens de opening van het congres De Staat van het Onderwijs op woensdag 10 april.

Inspecteur-generaal Monique Vogelzang presenteert de hoofdboodschap uit de Staat van het Onderwijs 2019

Monique Vogelzang, inspecteur-generaal van het Onderwijs

Innovatie neemt toe

Het onderwijs reageert heel verschillend op nieuwe maatschappelijke vraagstukken. Vogelzang: “Iedereen zet ergens anders op in om mee te bewegen: burgerschap, 21st century skills, meer taal. We zien een grote toename van vernieuwing in het onderwijs. Dat is goed nieuws, Nederland is een van de meest innovatieve onderwijslanden ter wereld. Maar leidt al die vernieuwing tot beter onderwijs? De uitkomsten zijn onduidelijk. Probleem is dat we experimenteren zonder te leren.”

“Hoe verschillend we ook zijn in het onderwijsveld, we hebben altijd meer gemeenschappelijk.”

Een volle zaal luistert naar de hoofdboodschappen uit de Staat van het Onderwijs 2019

Onderwijs op niveau

Gemiddeld genomen is het Nederlandse onderwijs op niveau, zegt Vogelzang. “Tegelijkertijd zijn er steeds meer haarscheurtjes zichtbaar: leerlingen presteren minder op de kernvakken taal en rekenen, de laaggeletterdheid neemt toe, we zien grote verschillen in prestaties tussen scholen. Hoewel de variatie in het onderwijsaanbod toeneemt, stijgen de prestaties van leerlingen niet. Intussen neemt het lerarentekort toe.”

Positief is de goede aansluiting van het onderwijs op de arbeidsmarkt, zeker in vergelijking met omringende landen.

Hart voor het onderwijs

Vogelzang sluit haar speech optimistisch af: “Hoe verschillend we ook zijn in het onderwijsveld, we hebben altijd meer gemeenschappelijk. Ik weet zeker dat iedereen die hier zit een hart voor het onderwijs heeft. Gezamenlijk weten we wat goed is voor leerlingen en studenten, wat we ze willen meegeven, wat die veranderende vraag in de maatschappij ook mag zijn. We moeten er samen voor zorgen dat iedereen de kans krijgt het maximale uit zijn of haar talent te halen.”

Inspecteur-generaal Monique Vogelzang overhandigt de Staat van het Onderwijs 2019 aan de ministers van onderwijs

Minister Slob, minister Van Engelshoven en Monique Vogelzang

Niet vergeten trots te zijn

Minister van Engelshoven en minister Slob nemen het eerste exemplaar van de Staat van het Onderwijs in ontvangst. Van Engelshoven: “We vergeten soms dat we ook trots mogen zijn op ons Nederlandse onderwijs. Elke dag maken we weer van al die diversiteit in de klassen een ‘wij’. Kijk bijvoorbeeld naar het mbo, lang het zorgenkindje van het onderwijs. Die sector heeft zich fantastisch herpakt. De aanpak voor meer kansengelijkheid heeft daar echt gewerkt.”

Maatschappelijke opdracht

Kansenongelijkheid lijkt te stabiliseren dankzij eendrachtige samenwerking, zegt minister Slob. “Maar pas op met al het verschillende aanbod en de bijkomende kosten voor ouders. Hierdoor kan de kansenongelijkheid weer groter worden.” De politiek heeft de taak om ervoor te zorgen dat de maatschappelijke opdracht aan het onderwijs duidelijk en behapbaar is. Slob: “Niet elke vraag van de toekomst hoeft op het bordje van het onderwijs te liggen.”