Systematiek beoordeling Cito Eindtoets aangepast

In 2012 beoordelen wij de eindresultaten van basisscholen die zich via de Cito Eindtoets verantwoorden met een aangepaste systematiek. Deze is gebaseerd op de schoolscores die circa 6.000 scholen in de afgelopen 3 jaar hebben gerealiseerd.

De belangrijkste veranderingen zijn:

  • De systematiek is gelijk voor zowel kleine als grote scholen. Voor kleine scholen (minder dan tien leerlingen in groep 8) blijft wel gelden dat (waar nodig) de resultaten over vijf jaar in plaats van over drie jaar worden bekeken.
  • De onder- en bovengrenzen worden niet meer jaarlijks aangepast. Dit is mogelijk doordat Cito de toetsen zodanig ontwikkelt dat een schoolscore van het ene jaar kan worden gerelateerd aan die van de andere jaren. Als volgend jaar een hogere schoolscore wordt gerealiseerd, betekent dit dat de leerlingen van die groep een grotere vaardigheid hebben bereikt dan die van het jaar daarvoor.
  • De aangepaste systematiek is transparanter, omdat deze gebruik maakt van de zogenaamde ’ruwe’ schoolscore. De omrekening naar een gecorrigeerde standaardscore is dus niet meer nodig. Deze omrekening konden scholen zelf ook niet doen en was daarom voor hen niet transparant.
  • Bij het bepalen van de onder- en bovengrenzen van de eindresultaten houdt de inspectie rekening met de leerlingenpopulatie. Dit gebeurt via het schoolgewicht (het percentage gewogen leerlingen van een school). Het schoolgewicht, waarbij de opleiding van ouders de bepalende factor is, speelt een rol bij de toekenning van extra financiering door de overheid. Het is plausibel dat scholen voor 1.2-leerlingen meer inspanning moeten verrichten om hen tot eenzelfde resultaat op de eindtoets te brengen als voor 0.3-leerlingen. 

Hoe die extra inspanning gewogen moet worden in relatie tot de leerresultaten, is echter lastig te bepalen. Bovendien groeien de landelijk gemiddelde scores op de eindtoets voor 0.3- en 1.2-leerlingen steeds meer naar elkaar toe. Om deze redenen maakt de inspectie voor het bepalen van het schoolgewicht in het kader van de opbrengstbeoordeling geen onderscheid tussen 0.3- en 1.2-leerlingen.

  • Op basis van de scores van zo’n 6.000 basisscholen in de periode 2009-2011 is de gemiddelde schoolscore berekend. Per procentpunt schoolgewicht zijn de onder- en bovengrens bepaald.

Voordelen 

De voordelen van deze systematiek zijn:

  • eenvoudiger; de systematiek is gelijk voor grote en kleine scholen;
  • de onder- en bovengrenzen liggen vast en hoeven dus niet meer jaarlijks te worden bijgesteld;
  • grotere transparantie door gebruik van de ruwe schoolscores;
  • elke school kan zelf bepalen waar ze staat ten opzichte van scholen met een vergelijkbare leerlingenpopulatie.

Opbrengstgericht werken 

Deze voordelen zijn ook van belang voor het opbrengstgericht werken. Scholen kunnen aan de hand van de grafiek zien welke resultaten verwacht mogen worden bij hun schoolpopulatie, ook wanneer deze verandert. Op basis van de benchmarkgegevens in de grafiek, kunnen scholen zichzelf betere doelen stellen voor hun leerresultaten. 

Deze systematiek past door zijn transparantie ook goed bij de preventieve aanpak van het toezicht van de inspectie. Scholen kunnen immers zelf zien wat de ondergrens is die bij hun schoolgewicht hoort.

Overgangsregeling

Voor scholen waarvoor de schoolscore volgens de toen geldende normering in 2009/2010 en 2010/2011 onder de ondergrens lag, geldt een overgangsregeling. Als de schoolscore voor deze scholen in 2012, volgens de nieuwe beoordelingswijze, onder de ondergrens komt te liggen, past de inspectie voor hen de oude beoordelingssystematiek toe. De overgangsregeling geldt dus alleen voor het schooljaar 2011/2012 en is naar verwachting op enkele tientallen scholen van toepassing.

De nieuwe beoordelingswijze wordt opgenomen in de notitie ‘Analyse en waardering van opbrengsten primair onderwijs’ en in de geactualiseerde brochure over de beoordeling van opbrengsten in het basisonderwijs (verschijnt begin 2012). Ook wordt de ministeriële regeling ‘Leerresultaten primair onderwijs’aangepast.