Geslaagde conferentie inspectie over opleidingscommissies

Onder de titel “Recht van spreken” organiseerde de Inspectie van het Onderwijs op vrijdag 4 november in de Rijtuigenloods in Amersfoort een drukbezochte werkconferentie over het belang van opleidingscommissies (OC’s) in het hoger onderwijs. De conferentie was bedoeld om student- en docentleden van opleidingscommissies, opleidingsmanagers en bestuurders met elkaar in gesprek te laten gaan over het belang van goed functionerende OC’s en om ‘best practices’ te delen.

Wet versterking bestuurskracht onderwijsinstellingen

Enkele artikelen uit de Wet versterking bestuurskracht onderwijsinstellingen (Wvb) die voor opleidingscommissies van belang zijn treden in werking op 1 september 2017. De Wvb versterkt  de positie van de OC. Naast advies over het bevorderen en waarborgen van de kwaliteit van de opleiding, krijgen OC’s op onderdelen van de OER (onderwijs- en examenregeling) ook instemmingsrechten. De grotere verantwoordelijkheid (ook voor accreditatie van de opleiding), vraagt dus om verdere professionalisering en profilering van de OC’s.

Inspectierapport

De veranderingen als gevolg van de Wvb waren voor de inspectie reden om de huidige positie van OC’s te onderzoeken. Het onderzoeksrapport wordt in december aan het ministerie voorgelegd. De conferentie liep daar alvast op vooruit door de belangrijkste bevindingen te delen. Bovendien wordt de opbrengst van de conferentie gebruikt om het eindrapport verder te verdiepen.

Grote verschillen

Inspecteur Martine Pol die het inspectieonderzoek leidde wees op de grote verschillen die er nog steeds bestaan tussen opleidingscommissies onderling en tussen het hoger beroepsonderwijs (hbo) en het wetenschappelijk onderwijs (wo). Het aantal keer dat een OC vergadert of adviezen uitbrengt varieert, namelijk van 2 tot meer dan 10 per jaar. Voor 10 procent van de opleidingen in het hbo bleek tenminste een half jaar geen OC actief te zijn. Meer dan de helft van de hbo studenten (51 procent) kent het bestaan van de OC’s helemaal niet. In het wo is dat 39 procent. Wat betreft tijdsinvestering, ondersteuning, facilitering en samenwerking binnen de instelling zijn er veel verschillen aangetroffen.

Paneldiscussie

Aansluitend volgde er een presentatie vanuit de Landelijke Studenten Vakbond (LSVB) en was er een paneldiscussie met  Robin van der Bles van Interstedelijk Studentenoverleg (ISO), Jarmo Berkhout (LSVB) Thom de Graaf (Vereniging Hogescholen) en Martin Paul (CvB Universiteit Maastricht en bestuurslid Vereniging van Samenwerkende Nederlandse Universiteiten, VSNU). Daarbij onderschreef De Graaf  het belang van OC’s, maar waarschuwde hij de verwachtingen al te hoog te stellen. “Er zullen altijd verschillen blijven tussen goed functionerend  en minder goed functionerende OC’s”.

Opleidingscommissies.nl

In drie workshoprondes hadden de ruim 500 aanwezigen, waaronder opvallend veel studenten, de gelegenheid om zich te verdiepen. Daarbij hadden ze de keuze uit ruim 20 sessie. De belangrijkste uitkomsten van deze sessies worden op  de website Opleidingscommissies gepubliceerd. Een gezamenlijk initiatief van de inspectie en de studentenbonden. De bonden zullen de website voortaan actueel houden.

Impuls voor professionalisering en kwaliteitscultuur

Inspecteur-generaal Monique Vogelzang zegt terugkijkend op de dag: “Gemiddeld genomen functioneren de OC’s best aardig als je het afmeet aan de huidige wettelijke vereisten. Maar er liggen gewoon nog kansen om de kwaliteitscultuur verder te verbeteren. Een goed functionerende OC maakt het onderwijs beter. Door ons onderzoek naar opleidingscommissies, de website www.opleidingscommissies.nl en door deze werkconferentie hebben we vanuit onze rol de verdere professionalisering een impuls willen geven. Nu zijn de instellingen en de studenten aan zet. Gezien het enthousiasme op deze dag, heb ik daar goede verwachtingen van.”