Handhaving regelgeving vrijwillige ouderbijdrage
27 april 2010
Veel scholen in het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs bieden hun leerlingen naast het ‘gewone’ onderwijsprogramma extra activiteiten of voorzieningen onder schooltijd aan. Scholen mogen ouders een vrijwillige financiële bijdrage vragen voor deze extra voorzieningen en activiteiten. Hierbij kunt u denken aan een schoolkamp of aan festiviteiten. Het moet daarbij altijd gaan om activiteiten die niet tot het gewone lesprogramma behoren en daarom niet door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap worden bekostigd.
Sommige ouders kunnen of willen de vrijwillige bijdrage niet of slechts gedeeltelijk betalen. In dat geval mag de school de betreffende leerling(en) niet de toelating tot de school weigeren, van school sturen of weigeren een diploma uit te reiken. Met andere woorden: de toegankelijkheid van het onderwijs mag niet worden beïnvloed door het al dan niet betalen van de ouderbijdrage. De ouderbijdrage is een vrijwillige bijdrage. Scholen mogen de bijdrage niet verplicht stellen alvorens leerlingen op de school toe te laten.
In 2009 keek de inspectie door middel van een analyse van schoolgidsen hoe scholen ouders informeren over de ouderbijdrage. Deze analyse wees uit dat niet alle basisscholen de ouders optimaal informeren. Daarom zal de inspectie in het toezicht extra aandacht besteden aan de vrijwillige ouderbijdrage. Met ingang van het komende schooljaar spitst de handhaving zich toe op de belangrijkste bepalingen van de wet:
- de toelating (deze mag niet afhankelijk worden gesteld van het betalen van de ouderbijdrage);
- de vrijwilligheid (deze moet in de schoolgids zijn vermeld);
- vermelding in de schoolgids van de hoogte van de ouderbijdrage of van de plaats waar dit bedrag staat (bijv de website).
De inspectie controleert op deze punten de schoolgids wanneer zij een inspectiebezoek aan een school voorbereidt. Indien de schoolgids niet in orde blijkt, vraagt de inspectie de school zich te verantwoorden over het beleid inzake de ouderbijdrage. Een belangrijk aandachtspunt daarbij is de instemming van de oudergeleding van de Medezeggenschapsraad. De school krijgt dan een verbetertermijn en moet er zo spoedig mogelijk voor zorgen dat de informatievoorziening aan ouders in ieder geval voldoet aan de bovengenoemde drie elementen. Daarnaast moet de school aantonen dat de oudergeleding van de Medezeggenschapsraad heeft ingestemd met de hoogte en de bestemming van de ouderbijdrage.
Als het beleid van de school ertoe leidt dat de toegankelijkheid in het geding is, spreekt de inspectie de school direct aan. De school moet deze onrechtmatigheid dan onmiddellijk opheffen. Dit geldt óók voor de scholen waar geen bezoek plaatsvindt, maar waar de inspectie naar aanleiding van signalen constateert dat de toegankelijkheid van het onderwijs wordt belemmerd door de ouderbijdrage.