E-nieuws primair onderwijs juli 2010
30 juni 2010
In deze nieuwsbrief : tevredenheidsonderzoek naar aanleiding van een inspectiebezoek, afspraken over het gebruik van DLE-toetsen, de eerste resultaten van tussentijdse kwaliteitsonderzoeken, regioconferenties met besturen en directies en nieuwe inspectiepublicaties over zeer zwakke scholen en voor- en vroegschoolse educatie.
Tevredenheidsonderzoek na inspectiebezoek
De inspectie startte onlangs met het uitvoeren van een tevredenheidsonderzoek onder scholen die recent bezocht zijn. In de week van 21 juni hebben de scholen die een definitief rapport hebben ontvangen na een kwaliteitsonderzoek, een onderzoek voor het Onderwijsverslag of een vierjaarlijks bezoek een uitnodiging ontvangen om de vragenlijst in hun Internet School Dossier (ISD) in te vullen. Deze vragenlijst meet de tevredenheid van scholen over het inspectiebezoek en het algehele beeld over de inspectie. Deze informatie wordt teruggekoppeld naar de verantwoordelijke leidinggevende en naar de verantwoordelijke inspecteurs. Daarnaast wil de inspectie deze informatie gebruiken om haar werkwijze te evalueren en waar mogelijk te verbeteren.
Toetsen begrijpend lezen en rekenen en wiskunde Boom test uitgevers
In de E-nieuws primair onderwijs van 27 april werd vermeld dat er een
gesprek zou plaatsvinden met Boom test uitgevers over het besluit van de
inspectie met ingang van het schooljaar 2010/2011 geen gebruik meer te maken van
de verouderde DLE-toetsen als verantwoording voor de opbrengsten. Inmiddels
heeft de inspectie twee gesprekken met de uitgever gevoerd. Dit heeft geleid tot
de volgende afspraken.
Meer
informatie
Eerste resultaten tussentijdse kwaliteitsonderzoeken
In 2009 is de inspectie bij het geïntensiveerde toezicht op zwakke en zeer zwakke scholen gaan werken met beoordelingen tijdens het proces van kwaliteitsverbetering. Deze tussentijdse kwaliteitsonderzoeken (TKO’s) vinden halverwege het afgesproken verbetertraject plaats. Dit verbetertraject duurt doorgaans maximaal twee jaar en wordt afgesloten met een onderzoek naar de kwaliteitsverbetering (OKV). Zie hiervoor ook de brochure waarin de omgang met (zeer) zwakke scholen wordt beschreven.
De TKO’s zijn geïntroduceerd om de voortgang van de kwaliteitsverbetering beter te kunnen volgen. Tevens bevatten ze de mogelijkheid het toezichtarrangement voor scholen bij voldoende verbetering te kunnen wijzigen van bijvoorbeeld zeer zwak naar zwak of – bij uitzondering – naar een basisarrangement.
Inmiddels zijn bij dertig zeer zwakke scholen TKO’s uitgevoerd. Ongeveer de helft van de scholen bleek zich dusdanig te hebben verbeterd dat ze niet langer zeer zwak zijn. Bij deze scholen heeft het TKO dus zijn beoogde effect.
Terugkoppeling verbetertrajecten taal/lezen en rekenen
Via het Internet Schooldossier kunt u de terugkoppelingsformulieren inzien die het Projectbureau Kwaliteit van de PO-Raad in samenwerking met de inspectie heeft gemaakt naar aanleiding van de verbetertrajecten taal/lezen en rekenen.
In het Internet Schooldossier van uw bestuur vindt u een bestuursoverzicht, waarop de resultaten van de deelnemende scholen van uw bestuur in het kader van de verbetertrajecten taal/lezen en rekenen zijn te vinden. U klikt daarvoor op Archief – Factsheets taal en rekenen – Terugkoppeling verbetertrajecten. In de schooldossiers van de individuele scholen staat voor iedere school het eigen terugkoppelingsformulier. Voor een compleet beeld wordt u geadviseerd ook deze te bekijken. De overzichten zijn voorzien van een handleiding; tevens treft u een document aan met antwoorden op veelgestelde vragen. Voor vragen over de terugkoppelingsformulieren kunt u contact opnemen met het Loket Onderwijsinspectie. Vermeld u daarbij wel uw bevoegd gezagnummer.
Handhaving regelgeving vrijwillige ouderbijdrage
De inspectie ziet toe op de naleving van wet- en regelgeving met betrekking tot de vrijwillige ouderbijdrage. Met ingang van het komende schooljaar spitst de handhaving zich toe op de belangrijkste bepalingen van de wet:
- de toelating (deze mag niet afhankelijk worden gesteld van het betalen van de ouderbijdrage);
- de vrijwilligheid (deze moet in de schoolgids zijn vermeld);
- vermelding in de schoolgids van de hoogte van de ouderbijdrage of van de plaats waar dit bedrag staat (bijvoorbeeld de website).
Regioconferenties besturen en directies
De afgelopen maand vonden in het noorden van het land drukbezochte regioconferenties plaats. Tijdens deze bijeenkomsten informeert de inspectie u over een aantal onderwerpen, waaronder ‘opbrengsten’, ‘(zeer) zwakke scholen’, ‘zorg en begeleiding’ en ‘financieel toezicht’. De inspectie licht haar werkwijze rond deze thema’s toe en biedt u de gelegenheid vragen te stellen en (met elkaar) in discussie te gaan. In het zuiden van het land wordt deze en volgende week een aantal conferenties georganiseerd. Midden Nederland volgt na de zomervakantie. U ontvangt per brief een uitnodiging.
Zeer zwakke scholen in het basisonderwijs 2006-2010
De Inspectie van het Onderwijs houdt intensief toezicht op de ongeveer 1,5 procent van de scholen die zeer zwak zijn. In het rapport 'Zeer zwakke basisscholen in het basisonderwijs 2006-2010' zet de inspectie uiteen wat de kenmerken zijn van zeer zwakke basisscholen, hoe deze scholen zich verbeteren en of deze verbeteringen duurzaam zijn.
Uit het onderzoek blijkt dat zeer zwakke scholen vooral zwak scoren op leerlingenzorg, de didactiek en de kwaliteitszorg. Vaak blijken de scholen voordat ze zeer zwak werden al te lage opbrengsten en een onvoldoende onderwijsproces te hebben gehad. Schoolbesturen en -directies hadden vaak niet in de gaten dat de kwaliteit van hun school achteruitging.
Resultaatbepaling van vve door scholen: een verkenning
Het ministerie van OCW heeft de Inspectie van het Onderwijs verzocht een onderzoek uit te voeren naar de resultaatbepaling van voor- en vroegschoolse educatie (vve) door scholen. Aanleiding was de bevinding uit de pilot ‘Toezicht op vve in de vier grote steden’, die de inspectie in 2006/2007 uitvoerde. Tijdens deze pilot bleek dat scholen geen systematisch beeld hadden van de mate waarin deelname aan vve ertoe leidde dat kinderen ‘gewoon’ mee konden komen in groep drie. De breed gedragen opvatting bij vve is dat het niet nodig is om de effecten van vve te meten.
Scholen blijken op dit moment in zeer beperkte mate de effectiviteit van vve vast te stellen. Reden daarvoor is dat niet voldaan is aan enkele essentiële voorwaarden, zoals een duidelijke doelbepaling van vve en de beschikbaarheid van instrumenten om het effect van vve te meten. Bovendien is er sprake van allerlei praktische beperkingen en hindernissen.